De wijkfotograaf trekt er regelmatig op uit voor een rondje Noordereiland. Hij gaat niet op weg met een vooropgezet plan, maar laat zich verrassen door wat hij tegenkomt. Overdag of
liever nog ’s nachts doolt hij rond. Er gebeurt hier altijd van alles of helemaal niets bijzonders.
Waar het water van de Nieuwe Maas de torens van glas en beton nog tegenhoudt, vinden wij zo nu en dan resten van verdwenen beschavingen en verloren paradijzen. Bij laag tij zien we tussen het halfdroge watergras een rusteloze familie nijlgansen, oude winkelwagentjes of matrassen. Nooit bezocht door Darwin kunnen zich hier allerlei levensvormen naar hartelust evolueren.
De fotograaf als ontdekkingsreiziger of antropoloog probeert de tekens te duiden. Maar als eilander is hij net zo gek als de rest. Waarschijnlijk meer dichter dan journalist. In dit reservaat krijgen opgegraven schatten en aangespoeld wrakhout beide een plekje in het bezoekerscentrum.
De dagboekafleveringen zijn per jaar gebundeld:
2005, 2006, 2007, 2008, 2009 en 2010.
